Wie vertrouwen we nog?

Vorig jaar besloot de staatssecretaris dat voortaan bij het advies van de basisschool voor een school voor voortgezet onderwijs niet meer de Cito-score gebruikt mocht worden maar het advies van de leerkracht. Dit kende de leerling immers het beste en kon het kind beter als geheel beoordelen. Niet de momentopname van de Cito-test mocht de basis voor het advies zijn. Dit jaar lopen honderden ouders naar testbureaus of zelfs naar de rechter omdat ze het advies van de leerkracht niet accepteren.

Bij ongelukken, brand of evenementen worden politieagenten, ambulancepersoneel, brandweerlieden en orde handhavers door omstanders belaagd. Ze worden belemmerd in  hun werk. De autoriteit die jarenlang gewoon was, lijkt verdwenen.

het vertrouwen in politici, van links tot rechts is laag. Luister maar naar de vele straatinterviews van onze actualiteitenprogramma’s. Politici zijn graaiers, alleen uit op hun macht, of ze weten niks, zijn niet capabel of belazeren de kluit. We kiezen ze nog wel, verwachten veel van het openbaar bestuur, maar we vertrouwen ze niet.

Om de zorg beter aan te sluiten bij wat de mensen willen, besloten we die zorg dichter bij de mensen te organiseren. De gemeente kreeg er vele taken bij omdat de gemeente in staat zou zijn dat meer op maat te kunnen. Nu de eerste keukentafelgesprekken gevoerd zijn, zien we dagelijks de kritiek op de incompetente ambtenaren die niet snappen wat mensen nodig hebben.

Dit weekend draaide de top van ABN AMRO de loonsverhoging terug die ze zouden krijgen. Onder druk van samenleving en politiek. Het zijn in ieders ogen graaiers en ze zijn alleen uit op hun eigen belang. Geen enkel vertrouwen, hebben we volgens 1Vandaag in een peiling. We vertrouwen ze niet maar vinden het weer niet zo erg dat we ons geld er weghalen.

Wat is er aan de hand? Waarom neemt het vertrouwen in mensen die leiding geven of verantwoordelijkheid dragen zo af. Het kan toch niet alleen zijn omdat er mensen fouten maken? Ongenuanceerd iedereen over een kam scheren is makkelijk. Je hoeft dan niet meer over de nuance na te denken. Zij en wij. Dat is het schema waarin we steeds meer denken.

Kritiek op de banken, leerkrachten, politieagenten, politici, ik heb het ook. Maar ik hoop dat we toch ook blijven zien dat heel veel in dit land uitstekend geregeld is. Dat er inderdaad wel dingen fout gaan, maar dat dat bij het leven hoort. Ik wil niet in een land leven dat er naar streeft elke fout te voorkomen, en daarvoor mijn vrijheid inperkt. Fouten en ongelukken horen bij het leven, maar gelukkig lukt het ons in Nederland om dit aardig te beperken.

We waren toch zo tolerant..

In de zomer las ik het boek ‘Amsterdam‘, van Russel Shorto. Het gaat over de geschiedenis van de stad Amsterdam, zoals de titel al doet vermoeden, maar geeft tegelijkertijd een mooi inzicht in de Nederlandse cultuur. Hoe we in de loop van de eeuwen met elkaar omgegaan zijn en waarom Nederland is zoals het is. Kenmerkend van Nederland is dat het altijd een land is geweest waar de vervolgden en de onderdrukten uit heel Europa terecht konden om wij de individuele vrijheid hoog in het vaandel hadden staan.

Shorto beschrijft waarom hoe samenwerking en tolerantie in Nederland zo diep geworteld zijn. In de middeleeuwen was grond of in bezit van de adel of van de kerk, maar nooit van de gewone man. Die was afhankelijk van de landeigenaren. In de Lage Landen was dat anders. Hier liep het land voortdurend onder water en was daarom voor de adel en de kerk niet aantrekkelijk. De boeren die het wel bewerkten, werkten samen om het droog te houden. Zo ontstonden de samenwerkingsverbanden (later Waterschappen) en was er een klasse van boeren die bezit had en dat kon kopen en verkopen. De focus op samenwerken en het ontbreken van een strakke hiërarchisch samenleving maakte ook dat we altijd ruimte vonden voor vervolgden en andersdenkenden uit andere delen van de wereld. Amsterdam (Nederland) was een veilige plek voor vrijdenkers.

Nergens waren in de zeventiende eeuw zoveel drukkerijen als in Amsterdam, en mensen met ‘andere’ opvattingen vonden in Amsterdam de mogelijkheid om hun ideeën wereldkundig te maken. Die vrijheid van denken en de ruimte die we gaven aan anderen heeft ons ver gebracht.

Waar is die tolerantie gebleven. Afgelopen zaterdag meenden voor- en tegenstanders van Zwarte Piet in Gouda hun gelijk te moeten halen tijdens de intocht van Sinterklaas. Bij Jinek op zondagavond zat Youri Mulder, die er niks over wilde zeggen omdat hij bang was dat de ruiten van zijn huis ingegooid zouden worden. Een donkere voetballer van het Nederlands Elftal gaat met een groepsselfie op Twitter en wordt overstelpt met verwensingen. Ik weiger te denken dat het alleen de ‘eencelligen’ zijn die zo hun mening geven. Ik ben vast niet de enige die merkt dat ook in zijn eigen omgeving bij een biertje in het cafe of tijdens een etentje de discussie over 0.a. Zwarte Piet, hoog kan oplaaien en dat ik verrast bent door de felheid waarmee de discussie gevoerd wordt.

Paul Scheffer vertelde bij Buitenhof zondag over de conservatieve tendensen in politiek en samenleving die voortkomen uit de behoefte aan nieuw houvast in een snel veranderende wereld. Ik hoop echt dat we het houvast vinden in ruimte voor elkaar en diverse standpunten. Tolerantie hoort bij Nederland. Laten we het niet uit onze handen laten glippen.

DSB, van dader naar slachtoffer

Toen Pieter Lakeman vorige week spaarders bij de DSB Bank opriep hun spaargeld op te nemen, om zo het failliet van de bank te bewerkstelligen, was het beeld van de DSB Bank die van dader. De bank die de kleine man een poot uitdraait met provisies van 80% op koopsompolissen. Instant winst die Dirk Scheringa via een van zijn talloze bv-tjes afroomde om zijn speeltjes mee te financieren. Het Dirk Scheringa Museum voor realistische kunst bijvoorbeeld in Spanbroek, de schaatsploeg en niet in de laatste plaats AZ. De club die hij kocht en het dit jaar schopte tot landskampioen.

Persvoorlichter Wilting schermde Scheringa af, deed alle kritiek af als onzin en er was bij de bank niks aan de hand. Hij leek op de voorlichter van Saddam Hoessein die tijdens die beroemde persconferentie vertelde dat de Amerikanen in de pan gehakdt werden en dat ze mijlen van Bagdad waren, terwijl het gebouw waar hij stond schudde op zijn grondvesten. De bank achter de montere Wilting brokkelde zichtbaar af, en hij roeptndat er niks aan de hand is.

Alle tv-programma’s belichten ondertussen de woekerpraktijken van de bank en de slachtoffers van de bank die hun hypotheek niet meer kunnen betalen komen keer op keeer in beeld. Huilende huizenbezitters die Dirk Scheringa afschilderen als een boef eersteklas.

Hoe anders is het beeld er een week later. Werknemers van DSB zitten twee avonden achter elkaar bij Pauw & Witteman en verklaren Scheringa heilig. Hij is de man die hart heeft voor de zaak. Die zich inzet voor behoud van hun banen en die de ‘problemen’ die er waren met ‘een aantal’ klanten oplost. Lakeman krijgt de Zwarte Piet, want hij maakt de bank kapot. Als de woeker provisies ter sprake komen, wordt gewezen naar andere banken die dat ook doen, dat het nu allemaal aangepakt wordt, en dat de Nederlandse Bank er van wist. Ook toen Scheringa in 2007 een bankvergunning kreeg.

Wilting is in geen velden of wegen meer te bekennen, en Scheringa heeft zelf het podium betreden. Grauw, maar stijdlustig, kijkt hij in de camera. De hondeogen stralen ‘slachtoffer’ uit, en hij laat niet na zich als volksheld te laten zien met de trouwe werknemers. De dader is nu De Nederlandse Bank of Wouter Bos, of allebei, die een redding door vijf grote Nederlandse banken blokkeerden door zondagavond te lekken over de zitting van de rechter de volgende ochtend waarin uitstel van betaling voor de bank zou worden aangezegd.

Handige communicatie kan het beeld van een bank, en de man erachter, radicaal omdraaien. Van dief en oplichter is het iemand gelukt om slachtoffer te worden. Een prachtige case voor een cursus crisiscommunicatie. Zou Klaas Wilting er toch achter zitten?

Gloeilamp verboden

Opnieuw is het gelukt iets te verbieden in Nederland: de gloeilamp. En natuurlijk gebeurt dat met een verwijzing naar een Europese richtlijn. Niet wij hebben deze vervelende maatregel bedacht, zegt de politiek impliciet, maar Brussel. Zullie en niet wij.

Wat is er op tegen om de gloeilamp te verbieden? We zijn het er over eens dat ze hopeloos verouderd zijn. het overgrote deel van de energie die er in gaat wordt omgezet in warmte en niet in licht. Inefficiënte stroomslurpers die hoognodig moeten verdwijnen zou je denken. Maar het is niet de inefficiëntie die de tegenstanders de straat op drijft om te hamsteren. Het licht van een gloeilamp is veel warmer. Een spaarlamp of een led-lamp is kil en dat willen we niet. Ik heb zelf nog 12 oude halogeen spotjes in mijn huis. Ze worden gloeiend heet na een paar minuten branden, dus die zullen ook wel niet efficiënt zijn. Ik ging laatst naar de winkel op de hoek, de Dibri (prachtige naam al heb ik geen idee waar die vandaan komt) en vroeg of ik deze spotjes, zonder vervanging van de fitting zou kunnen vervangen door de verdomd zuinige ledjes.

Kan wel was het antwoord maar ‘heeft u niet gelezen wat ze zeggen over die led-verlichting. Ze zijn helemaal niet zo zuinig.’ Daar sta je dan met je zuinige milieubewuste gedrag. Wie moet je nu geloven. De expert in de winkel, die toch geen belang heeft mij de aanschaf van 12 led-lampjes à € 21,- af te raden. Of moet ik maar weer het internet op om na te speuren wat nu echt waar is. Wikipedia kan ik niet vertrouwen tot de nieuwe kleurcode is doorgedrongen tot het lemna ledverlichting.

Zo’n verbod op een bepaald type lamp en dan minister Cramer op de radio die zegt dat de oude led- en spaarlampen inderdaad wat kil waren maar dat de nieuwe generatie veel warmer is, is toch wel geruststellend. En als dan Europa ook nog een verbod in de hele Unie afkondigt, moet het toch wel waar zijn.

Mijn D66 hart zegt dat zo’n verbod niet past in de liberale uitgangspunten dat ik zelf wil kunnen kiezen en dat de markt zijn werk moet doen om de meest warme led- en spaarlampen op zo korte termijn te produceren. Maar mijn praktische hart zegt me dat mensen af en toe een handje geholpen moeten worden op weg naar een minder CO2 producerende samenleving. En dan vind ik een verbod op gloeilampen (voorlopig alleen die van meer dan 100 watt) niet zo erg.

Morgen toch maar eens naar de Dibri en vragen of ik zo’n ledlampje kan testen. Wie weet valt het wel mee met dat kille licht en kom ik er ook achter waar die naam voor staat.

Vierdaagse(feesten)

Voor het eerst in jaren ben ik in Nijmegen tijdens de Vierdaagse. Vaak heb ik mijn vakanties zo gepland dat ik niet in de stad ben als die overspoeld wordt door tienduizenden lopers en honderdduizenden feestvierders. Elke keer als je de stad in of uit wilt moet je goed nadenken hoe je gaat, want straten zijn afgesloten met hekken of tenten en voor je het weet sta je vast. Maar het zijn allemaal kleine ergernissen als je eenmaal de weg weet in het feestgedruis. Ik moet een manier vinden om van deze week te genieten.

Dus ga ik dit jaar het programma maar eens doorvlooien op zoek naar de kleine optredens. Dat is nog niet eenvoudig. De 4Daagse special van de Gelderlander staat bomvol met advertenties (het moet ergens van betaald worden) en in het hart van de krant vind ik anderhalve pagina met een keurig schema voor elke dag. Honderden voorstellingen en optredens keurig geordend op uur. Sven Ratzke, Roosbeef, het Schminkkarretje, Laid Back Luke, Wipneus en Pim, De Heinoos en ga zo maar door. Nou ken ik Sven Ratzke maar van meer dan tachtig procent van de rest heb ik nog nooit gehoord. Dat zal wel aan mij liggen, maar hoe vind ik nou die leuke alternatieve voorstellingen of acts.

Het wordt hard werken ben ik bang om me los te wrikken van mijn vrienden als die gezellig met een biertje in de hand op het Valkhof staan en helemaal geen zin hebben weer door de massa naar een uithoek van de stad te gaan om iets bijzonders te zien. Gevolg zal zijn dat ik mijn eigen weg moet gaan zoeken en maar hopen dat er plek is bij de voorstelling die ik wil gaan zien. Heb ik daar wel zin in? De 4Daagsefeesten zijn dan niets anders dan je vrienden zien op de plekken waar je ze anders ook al ziet, alleen nu met duizenden mensen om je heen, in plaats van vijftig op een gewone zaterdag.

Ik weet niet of ik er goed aan gedaan heb om hier te zijn. Terwijl ik dit schrijf komt de muziek uit de stad mijn raam binnen. De eerste diehards zijn al weer met het feestje begonnen. Ik zal er vanmiddag nog maar eens rustig over nadenken hoe ik deze week doorkom en aan het eind ook het gevoel te hebben dat het geslaagd is. In ieder geval staat Roze Woensdag op het programma. Dus over woensdag hoef ik niet meer na te denken. Een kleine zorg minder. Ben ik blij dat ik niet vier dagen hoef te lopen.