Canal parade 2018

Afgelopen weekend vond in De amsterdamse grachten de jaarlijkse botenparade plaats. Thema: heroes. Het weer was natuurlijk fantastisch en duizenden mensen trokken in roze of regeboogkleuren naar het stadcentrum om een feestje te bouwen.

De eeuwige vraag of dat nou allemaal nog moet werd natuurlijk her en der weer gesteld. En het antwoord blijft nog steeds: ‘Ja het moet’. De maatschappelijke acceptatie van homoseksualiteit of seksuele diversiteit is nog steeds niet voltooid. Te veel jonge (en oudere) mensen ervaren nog steeds een enorme drempel om uit de kast te komen. Onzekerheid over hoe de familie en vrienden reageren? Zullen ze vrienden verliezen? Word je nog geaccepteerd in je vriendengroep? Hoe ziet die wereld er uit als je homo, lesbo, bi of interseksueel bent? Allemaal vragen die elk jaar opnieuw duizenden belemeren om de stap te nemen om echt zichzelf te zijn.

De canalparade is een prachtig voorbeeld van de veelkleurigheid van de samenleving en laat ook zien dat er een prachtige wereld is als je niet hetero bent.

Het programma in de gayweek in Amsterdam maar ook op de nationale televisie laat zien dat we elk jaar nieuwe stappen vooruit zetten, maar het zal nooit overbodig zijn. Niet alleen is dit goed voor Nederland maar ook voor al die mensen in andere landen die hier ervaren dat het ook anders kan dan zij in hun dagelijks leven ervaren.

Geen reden dus om achterover te leunen, Maar ook politiek de wettelijke ongelijkheid die er op veel punten nog is aan te pakken.

Saleh Abdeslam pakken was toevalstreffer

Dit weekend werd Salah Abdeslam gepakt, in Brussel, in de wijk Molenbeek. Sinds de aanslagen in Parijs wist hij ruim vier maanden uit handen van de politie te blijven. Verscholen in safe houses in de wijk Molenbeek in Brussel. Zonder hulp van gelijkgezinden zou dat nooit gelukt zijn. Maar de vraag die zich opdringt is of het ook niet zo lang geduurd heeft omdat de wijk, met 100.000 inwoners, verdeeld is in verschillende politie zones die niet of slecht met elkaar samenwerken.

Ieder heeft kennelijk zijn eigen informatiesysteem dat hij niet wil of kan koppelen aan die van de korpsen in de aanpalende wijken. Dan wordt het voor een terrorist (of een crimineel) wel heel gemakkelijk uit handen van de politie te blijven. In het NRC van vandaag lees ik dat Abdeslam met zijn maatjes, provocerend langs de politiebureaus liep. Wel met een must op. Samenwerking tussen de politiekorpsen in de wijk en met de andere opsporingsdiensten had wellicht veel eerder tot zijn arrestatie geleid. Volgens critici, zo stelt het artikel, was een toevalstreffer.

De laatste alinea van het NRC-artikel zegt Hans Bonte, burgemeester van Villevoorde dat het grootste probleem de opdeling van het Brusselse gewest in verschillende politiezones is.  ‘Die moeten integreren zodat er een einde komt aan de informatiebreuken.’ Hebben we hetzelfde niet ook gezien op Europees niveau, als het gaat om de aanpak van de vluchtelingen problematiek. Ieder land keek vooral naar het nationale, interne korte termijn belang. Informatie uitwisselen, samenwerken, acties op elkaar afstemmen, het was er allemaal niet bij. Tot het water niet alleen de vluchtelingen, maar ook de politici aan de lippen stond. Toen moest er verantwoordelijkheid genomen worden, Merkel voorop met Rutte in haar kielzog, om de problemen Europees aan te pakken. De deal met Turkije lijkt op papier te werken, maar nu nog de uitvoering.

Komt er echt een gezamenlijke aanpak van de bewaking van de buitengrenzen van Europa? Gaan we vluchtelingen echt over alle landen verdelen? Zijn we bereid te investeren in verbetering van de omstandigheden van vluchtelingen in Libanon en Jordanië? De problemen waar Nederland en Europa voor staan, en waar veel mensen nerveus van worden, vragen dan ook niet minder maar juist meer Europa.

Trump

Acht jaar geleden was ik in de VS en sprak ik met enkele vrienden over de verkiezingen die toen gedomineerd werden door de opkomst van Barack Obama. Regelmatig hoorde ik in die gesprekken dat Obama steeds ‘presidentiëler’ oogde. Men had steeds meer het idee dat de man president zou kunnen zijn. Het feit dat hij als Afro Amerikaan, of zwarte, president zou kunnen zijn van het machtigste land van de wereld begon post te vatten. En hij won. Na acht jaar Obama is dit voor de meeste Amerikanen geen issue meer.

De kandidatuur van Hilary Clinton verloopt redelijk voorspoedig en ook nu zullen mensen langzaam wennen aan het idee dat hun volgende president wel eens een vrouw zou kunnen zijn. Mijn verbazing geldt in deze campagne vooral Trump. Een grote, wat onhandig ogende man. Lomp in zijn taalgebruik met eigenlijk altijd een zure, verongelijkte en tegelijkertijd boze uitstraling. Hij oogt arrogant en beledigt alles en iedereen. Toch lopen duizenden republikeinen warm voor hem. Niet de partijtop overigens, maar dat terzijde. Kunnen deze mensen zich voorstellen dat Donald Trump de volgende president van de VS zou zijn?

Ik zie Trump al bij Merkel of Hollande? Hoe gaat hij de VN toespreken? Ik kan me er eigenlijk niets bij voorstellen. In een van de debatten zei Marco Rubio dat een president niet altijd kan zeggen wat hij wil omdat het gevolgen heeft. Het probleem is dat Trump, net als Wilders en Le Pen, de retoriek die ze gebruiken zien als de uitdrukking van ‘de’ wil van ‘het’ volk en daarmee de ongenuanceerde toon en inhoud. Kritiek wordt neergezet als negeren van wat de burger wil. Tegelijkertijd wordt de kritiek geframed als aanval die gesmoord moet worden. Wilders is er erg bedreven in. Hij mag alles zeggen, maar wie kritiek op hem heeft wordt weggezet als gevaar dat bestreden moet worden.

Trump als president? Ik ben benieuwd wie, volgens de Amerikaanse kiezer, het meest presidentieel is; Trump of Clinton.

22 februari 1944

Deze week zat ik, in het zonnetje, op het bankje in mijn voortuintje. De vogels floten in de frisse groene bladeren van de bomen in mijn straat. 70 jaar geleden moet het er hier heel anders uitgezien hebben. Mijn huis stond er niet en dat van de buren ook niet. In het half jaar voor het einde van de oorlog wat Nijmegen frontstad. Bijna dagelijks vielen er granaten overal in de stad. Ook op de plek waar mijn huis nu staat. Een gapend gat in de straat en zo waren er veel plekken waar de oorlog zijn sporen achterliet. Een straat verderop, in de Ruisdaelstraat, lagen de gevels van een hele rij huizen er uit. Voor wie het weet, kan zien dat hier iets gebeurd moet zijn, lang geleden.

Mijn buurman, kwam op zijn fiets langs en kwam bij me op het bankje zitten en vertelde over de laatste maanden van de oorlog en hoe de Canadezen en de Amerikanen door mijn straat en de volgende straat oprukten naar de Waalbrug. Het geweld en de angst moeten enorm geweest zijn.

Op 22 februari 1944, ruim een jaar voor het einde van de oorlog, werd Nijmegen gebombardeerd door uit Duitsland terugkerende Engelse en Amerikaanse bommenwerpers die met hun bommen op de terugweg waren omdat het weer in Duitsland te slecht was om doelen te kunnen zien. Boven Nederland was de lucht opgeklaard en ze besloten hun bommen alsnog te laten vallen, op wat ze dachten dat Duitse steden waren. De historische binnenstad van Nijmegen werd bijna compleet weggevaagd. Er vielen zeker 800 doden, maar waarschijnlijk meer omdat onderduikers niet werden meegeteld.

Op nog geen 100 meter van mijn huis liggen vele slachtoffers van dat bombardement begraven. Wie weet het nog. Misschien nu, in deze tijd van herdenken, staan we er bij stil. Ik hoorde het in de Stevenskerk dit jaar weer en natuurlijk bij de herdenking van het bombardement bij het monument ‘De schommel’ in de tuin van het stadhuis. Maar door het jaar heen kan ik nergens in Nijmegen terecht om te zien waarom onze binnenstad er uitziet zoals die er uit ziet.

Nog niet zo lang geleden ontmoette ik in de stad een echtpaar uit Assen dat de stad bezocht en mij de weg vroeg. Tegelijkertijd merkten ze op dat de binnenstad zo anders was dan ze verwacht hadden. De verwachtten een oude binnenstad. Ik kon ze vertellen waarom dat zo was, maar ik kon ze niet naar een plek verwijzen waar ze het hele verhaal konden zien. Dat is een gemis vind ik.

Het wordt tijd dat we in Nijmegen een permanente plek krijgen waar de herinnering aan het bombardement en de periode van Nijmegen als frontstad levend gehouden wordt voor komende generaties. We hebben het geprobeerd in het Vrijheidsumseum dat we in de Vasim wilden vestigen. Dat is niet gelukt. Maar nu wordt het tijd voor een nieuw initiatief om deze belangrijke periode in de geschiedenis van Nijmegen zichtbaar te maken. Het is te belangrijk voor de stad om daarvoor te verwijzen naar het Bevrijdingsmuseum in Groesbeek. Misschien alsnog in de Vasim als initiatief van de huidige gebruikers, of in de benedenverdieping van Museum het Valkhof. Of misschien toch permanent in de Marienburgkapel?

Nijmegen is de oudste stad van Nederland en er wordt vaak geroepen dat de geschiedenis dan ook zichtbaar moet worden. Het wordt tijd dat dit gebeurt, niet met een incidentele tentoonstelling maar een permanent museaal monument voor de slachtoffers van het bombardement en de periode van Nijmegen als frontstad.

http://nl.wikipedia.org/wiki/Bombardement_op_Nijmegen

http://www.brandgrens024.nl/

 

De grootste filestad …

Deze week maakte TomTom bekend dat Nijmegen ‘de grootste filestad van Nederland’ is. Ik weet niet of dit taalkundig correct geformuleerd is, maar feit is dat uit de meetgegevens van TomTom blijkt dat de vertraging door files in Nijmegen het grootst is. Op de voet gevolgd door Groningen.

We krijgen het persbericht onder embargo op dinsdagmiddag via de NOS die er woensdagochtend op Radio 1 meteen aandacht aan wil besteden. Of ik om 06.50 in de uitzending wil reageren. Dat vraagt om voorbereiding en even later zitten we met een paar mensen om de tafel om de uitkomsten van TomTom onder de loep te nemen en onze reactie te bepalen.

Ik ben er natuurlijk niet blij mee, maar een verrassing is het ook niet. We bouwen niet voor niets een nieuwe brug over de Waal. Op 23 november krijgt Nijmegen er eindelijk, 77 jaar na opening van de eerste en enige brug over de Waal en een tweede brug bij. Dat zal veel invloed hebben op de verkeersafwikkeling in de stad.

Het op zich vervelende bericht van TomTom, biedt ons ook de kans om alle investeringen in bereikbaarheid van de stad de afgelopen drie jaar, zo’n 300 miljoen euro, voor het voetlicht te brengen. We maken immers niet alleen de oversteek maar ook een nieuwe Stadsroute (de S100), we realiseerden zo’n 30 km snelfietsroute. Er komen nieuwe fietsenstallingen bij het station (3000) en onder Plein 44 (1000) en we maken een tweede transferium bij Neerbosch waar de automobilist kan overstappen op de snelle bus naar de campus of via de snelfietsroute naar zijn werk kan fietsen.

Allemaal maatregelen die er voor moeten zorgen dat Nijmegen beter bereikbaar wordt. Dat we niet alleen naar de auto kijken maar ook naar fiets en OV wordt steeds meer als vanzelfsprekend gezien. Minister Schulz zei het in Buitenhof deze week nog heel duidelijk. Alleen meer asfalt is onvoldoende. We moeten de infrastructuur die we hebben beter benutten en sturen op het gebruik van alternatieven. Dat die nieuwe brug hard nodig is staat vast en ook de verbreding van de A50 bij Ewijk helpt om de kwetsbare infrastructuur van Nijmegen robuust te maken. Dat kost even tijd, maar deze maand al openen we de tweede brug waar we zo lang naar hebben gesmacht en een nieuwe stadsroute die helpt om het verkeer beter af te wikkelen. Daarna volgen een nieuw transferium, de opknap van de oude waalbrug, nieuwe snelfietsroutes en stallingen, en zo gaan we de komende tijd door. Kortom, Nijmegen investeert stevig in bereibaarheid én leefbaarheid. In dat opzicht staat de stad dus zeker niet stil! En met die TomTomlijst komt het dan ongetwijfeld ook wel goed. Wij werken er hard aan.