Bezoek uit China

Regelmatig word ik gevraagd groepen studenten te ontvangen op het stadhuis. Diverse scholen voor voortgezet onderwijs hebben uitwisselingsprogramma’s met scholen in het buitenland. In augustus ontving ik voor de derde keer scholieren uit Japan. Deze week was er een groepje scholieren uit China op bezoek. Ze waren op bezoek bij leerlingen van het Kandinsky College. Ik kon ze ontvangen in onze prachtige trêveszaal. De zaal waar we elke dinsdag onze collegevergaderingen hebben. Een zaal ook met veel geschiedenis. De tapijten aan de muur dateren uit de 17e eeuw, en werden aangeschaft bij gelegenheid van de onderhandelingen over de vrede van Nijmegen.

De Chinese leerlingen en hun Nederlandse leeftijdsgenoten, waren zichtbaar onder de indruk. Gelukkig werden ze niet zo door de situatie bevangen, dat er geen prettig gesprek volgde. De Chinese leerlingen waren nog maar een dag in Nederland, en moesten nog zichtbaar wennen. Hun Engels was beperkt, en mijn Chinees komt niet verder dan een stuk of twee woorden, maar met behulp van de tolken lukte het toch om een beeld te krijgen van hun indrukken.

Ook de Nederlandse leerlingen, die allemaal al in China geweest waren, vertelden over hun ervaringen in China. Zonder uitzondering waren ze enthousiast, en wie zou dat niet zijn. Als je op die leeftijd de kans krijgt zo’n reis te maken.

Ik vind het bijzonder en belangrijk dat dit soort internationale uitwisselingen plaatsvinden. De wereld wordt steeds groter door de internationalisering van de handel en politiek. Tegelijkertijd wordt die wereld ook steeds kleiner door bijvoorbeeld social media en het gemak waarmee je over de wereld kunt reizen. Kinderen worden daardoor haast vanzelf steeds meer wereldburgers. Uitwisseling met scholieren uit andere landen is daarom belangrijk. Door al op jonge leeftijd kennis te maken met andere culturen en gewoonten wordt het later makkelijker om je weg te vinden in die grote (kleine) wereld.

Door de leerlingen van het Kandinsky College uit te dagen Chinees te volgen, worden ze bovendien door de school uitgedaagd het maximale uit zichzelf te halen. Hun directeur geeft overigens het goede voorbeeld, zij spreekt de taal al. Hoewel ik dus niet kon controleren hoe goed. Een van de leerlingen vertelde dat hij eigenlijk niet bewust gekozen had voor Chinees, maar niks anders wist. Nu hij in China is geweest, heeft hij besloten Chinees te gaan studeren. Dat is goed voor hem, en als meer leerlingen volgen, heeft Nederland daar misschien ook nog iets aan. China is tenslotte ‘booming’.

Onderwijs moet leerlingen uitdagen en er zijn meerdere scholen die leerlingen lessen en projecten bieden die leerlingen motiveren het beste uit zichzelf te halen. Dat is de taak van het onderwijs en ik hoop dat meer scholen het belang van dit soort projecten ziet. Ik ondersteun dat van harte en ontvang graag uitwisselingsstudenten om te luisteren naar hun vaak verrassende kijk op elkaar én onze stad.