Cultuur onder vuur

De afgelopen maanden hebben de Nijmeegse instellingen in de culturele sector, die in aanmerking willen komen voor subsidie uit Den Haag keihard gewerkt. Voor 1 februari moest een aanvraag ingediend worden met de plannen voor de komende jaren. In Nijmegen hadden we drie instellingen in de landelijke Basisinfrastructuur (BIS). De Music Meeting (muziekfestival voor internationale muziek), Literair productiehuis De Wintertuin en jeugdtheater Kwatta. Het nieuwe beleid betekent dat alleen Kwatta nog een kans maakt op subsidie in het kader van de BIS. Music Meeting en Wintertuin moeten zich tot steunfondsen gaan wenden.

Jeugdtheater Kwatta heeft een mooie aanvraag geschreven en zou op grond daarvan ook de komende jaren in de BIS moeten blijven. Ze is echter in directe concurrentie met jeugdtheater Sonnevanck in Enschede. Het is nu wachten op het advies van de Raad voor Cultuur aan de minister.

Dat wachten we in spanning af. Ondertussen werken we met de culturele sector in deze stad door aan vernieuwing van het cultuurbeleid. De afgelopen week besprak ik de conceptversie van de nieuwe Cultuurvisie met vertegenwoordigers van de grote culturele instellingen. Het was een inspirerende bijeenkomst, waarin de hoofdlijnen van de nieuwe nota uitgebreid aan de orde kwamen.

De conceptnota is tot stand gekomen na een uitgebreide discussie met de stad. Het beeld dat daaruit naar voren komt, is dat Nijmegen een plaats is waar het culturele experiment welig tiert. Hier kan van alles en het publiek is geïnteresseerd in verrassende, nieuwe initiatieven. Nijmegen als het Berlijn van Nederland dus. Een mooi beeld. Toch blijkt dat wat boven het gemiddelde uitsteekt ook kan rekenen op kritiek. De stad heeft een sterke neiging tot nivellering. Wat er aangeboden wordt moet eigenlijk bij voorbaat toegankelijk zijn voor een breed publiek. Anders wordt het elitair, en daar is geen plaats voor.

Projecten waar excellentie voorop staat, soms gericht op een kleiner maar gretig publiek, liggen snel onder vuur. Zo is er kritiek op het Artist in Residence project, waarin instellingen een (top) kunstenaar uitnodigen twee maanden in Nijmegen te wonen (Besiendershuis) en te werken. Dat is jammer. Het project brengt topmensen naar Nijmegen en geeft daarmee een impuls aan de instellingen. Niet voor een groot publiek maar wel heel belangrijk voor de organisatie. En wat levert het op? Een boek van Thomas Verbogt. Vier nieuwe opnamen van de Zuidafrikaanse zanger Gert Vlok Nel en een monument voor de gevallenen bij de Oversteek tijdens WOII in combinatie met de nieuwe brug.

Prachtige resultaten. En de kunstenaars nemen hun Nijmeegse ervaringen mee en verspreiden die over de wereld. Als we echt het Berlijn van Nederland willen zijn, dan moeten we er ook voor zorgen dat de wereld dat weet. Dan moeten we boven onszelf uitstijgen en er voor zorgen dat niet alleen de breedte een kans krijgt maar ook de top.