In tijden van bezuinigingen loop ik elke dag aan tegen het dilemma wat wel en wat niet door de overheid (financieel) ondersteund zou moeten worden. Veel van de initiatieven die in Nijmegen genomen worden, of het nu om cultuur gaat of om ondersteuning van mensen die het minder breed hebben, zijn op zichzelf beschouwd zeker de moeite waard. Maar tegelijkertijd kost elke activiteit geld en de vraag is dus vaak wie dat moet betalen.
Er zijn een paar mogelijkheden. De deelnemer betaalt zelf de volledige kosten voor de dienst die hij ontvangt of de activiteit waar hij aan deelneemt. Het lijkt er op dat de landelijke overheid met name in het cultuurbeleid deze koers vaart. Wie wil genieten van cultuur, moet het volle pond betalen.
Een tweede mogelijkheid is dat de afnemer, de bezoeker of de gebruiker een deel van de kosten betaalt. De rest betaalt de overheid, hoewel dat natuurlijk ook weer wijzelf zijn want het geld komt uit de belastingen die we met z’n allen betalen. Deze vorm zien we in allerlei voorzieningen terug. Ons openbaar vervoer bijvoorbeeld wordt voor 50% betaald uit belastinggeld. De overheid neemt daarmee een verantwoordelijkheid voor deze voorziening. De andere 50% moet komen uit de verkoop van de bus- en treinkaartjes.
Tenslotte betaalt de overheid alle kosten van het overheidsapparaat zelf. Alle ambtenaren, politici, ons leger, de politie: 100% financiering door de overheid. We vinden dat vanzelfsprekend maar staan er vaak niet bij stil. Die middelen brengen we met z’n allen op via de belastingen.
Voor sommige publieke diensten, zoals het openbaar vervoer, klinkt ook steeds weer de roep om het voor iedereen gratis te maken of als dat niet kan, dan in ieder geval voor minima en/of ouderen.
Maar gratis openbare voorzieningen bestaan niet. Die worden allemaal betaald via belastinginkomsten. Met ons eigen geld dus.De rijksoverheid gaat 18 miljard bezuinigen en dus vloeit er minder belastinggeld naar de gemeente. Willen we onze voorzieningen in Nijmegen allemaal overeind houden, dan moet de eigen bijdrage van de gebruikers omhoog of zullen we de gemeentelijke belastingen moeten verhogen.
Een andere mogelijkheid is de bijdrage van de overheid helemaal af te schaffen en dan maar te bekijken of er voldoende mensen zijn die voor die specifieke activiteit willen betalen. Dan zullen er ongetwijfeld activiteiten verdwijnen.
De politiek heeft de komende maanden de moeilijke taak keuzes te maken. De keuze tussen helemaal niet meer subsidiëren, minder geld beschikbaar stellen of vasthouden aan het belang van een bepaalde instelling of activiteit. Daarbij moeten scherpe keuzes gemaakt worden. Het wordt een lastige lente.
