Nijmegen nog lang niet ‘Betrouwbaar bereikbaar’. Discussienota met weinig ambitie zonder echte oplossingen
De gemeenteraad van Nijmegen besprak op 15 september de discussienota Nijmegen Betrouwbaar Bereikbaar. De nota omvat de visie van het college op de mobiliteitsontwikkeling van de stad tot 2020. Een compleet nieuw verkeersbeleid vindt het college echter niet nodig. Het ‘aanscherpen’ van bestaand beleid moet voldoende zijn. Maar als je de 36 pagina’s tellende nota met talloze schema’s en prognoses leest, concluderen wij dat aanscherpen onvoldoende is om de bereikbaarheid van de stad echt te verbeteren.
Dat de bereikbaarheid van Nijmegen beroerd is weten we al lang, dat hoeven we niet meer te onderzoeken. De files zijn lang, de negatieve economische effecten voor (binnenstad-)ondernemers groot en echte alternatieven voor de auto zijn er nauwelijks. Exemplarisch voor de visie van het college is de tabel met de vergelijking van reissnelheden van fiets, auto en openbaar vervoer binnen de stad. Die lijkt er alleen maar op gericht te bewijzen dat we altijd met de fiets moeten en dat de auto in alle gevallen het slechtste alternatief is. De nota maakt terecht onderscheid tussen externe en interne bereikbaarheid. Wij onderschrijven de noodzaak om voor de interne bereikbaarheid (binnenstedelijk verkeer) voluit in te zetten op de fiets en het openbaar vervoer. De maatregelen die voorgesteld worden blijven echter achter bij de behoeften. Wij hadden op dit punt meer ambitie van de wethouder verwacht. Wil je echt minder autodrukte in de stad zelf dan is alleen een tram van universiteit via centrum naar Bemmel en Huissen onvoldoende. Waarom ook geen tram van Dukenburg naar Heijendaal en het centrum? Waarom geen plannen voor meer gratis fietsenstallingen rond het centrum? Goed onderhouden, veilige fietspaden naar alle delen van de stad zou inwoners van Nijmegen kunnen verleiden de auto te laten staan.
Maar de echte problemen liggen in de bereikbaarheid van Nijmegen van buiten, de externe bereikbaarheid. De auto is hoe je het ook wendt of keert voor veel bezoekers van Nijmegen het belangrijkste vervoermiddel. Gokken op een regionaal netwerk van fietspaden is geen oplossing. Het college hanteert als centrale visie ‘benutten, beprijzen en uiteindelijk bouwen (als het kan)’.Daaruit kunnen wij niets anders lezen dan dat het uitbreiden en verbeteren van de infrastructuur geen echte prioriteit heeft. Alle hoop is gevestigd op het verbeteren van de infrastructuur rondom Nijmegen (A50-verbreding, N322, A15) zodat geen auto Nijmegen meer in hoeft. Dat dit, als het meezit, allemaal pas tussen 2014 en 2020 af is blijft buiten de discussie. Maar een oplossing voor het autoverkeer dat de stad wel in moet om thuis te komen of gebruik te maken van winkels, horeca of culturele voorzieningen, is dit niet. Voor wethouder Van de Meer (GroenLinks) is het duidelijk: wie in Nijmegen wil zijn pakt maar de fiets of het openbaar vervoer. Hij gaat daarmee volstrekt voorbij aan de noodzaak van goede voorzieningen voor mensen die met auto naar de stad willen komen Doen we daar niets aan dan knijpen we Nijmegen de keel dicht.
Een discussienota over de bereikbaarheid van de stad, had er een jaar na het aantreden van dit college al moeten liggen, dan waren we nu misschien op weg naar een Betrouwbaar bereikbaar Nijmegen. Nu hebben we drie jaar verloren en zeker is dat alleen aanscherpen van het beleid zoals de nota voorstelt volstrekt onvoldoende is.
Dit stuk heb ik geschreven samen met Rob Jetten, lijsttrekker voor D66 Nijmegen. Het is verschenen in De Gelderlander op zaterdag 12 september 2009.